Het College van ... // Aflevering 4
29 november 2024

De creatieve industrie in Groningen staat onder druk. Het aantal ateliers neemt drastisch af en de toekomst van broedplaatsen is onzeker. Wat is de waarde en status van deze 'makersplekken'? En biedt het nieuwe broedplaatsenbeleid, waar de Groninger gemeenteraad zich dit najaar over buigt, perspectief? In het laatste college van 2024 gingen Bram Douwes en Thereza Langeler op zoek naar antwoorden.

Groningen heeft een schreeuwend tekort aan plek voor zijn creatieve industrie. Ter indicatie: per 100.000 inwoners telt Groningen 26 ateliers. Maastricht heeft er 166, Utrecht 161, Arnhem 137 en Amsterdam 127.

In tijden waarin cultuur onder druk staat en makers steeds harder nodig zijn, is dit een alarmerende constatering. Het vraagt om een andere visie op ateliers en broedplaatsen, zeker in een gemeente die veel waarde hecht aan het goed huisvesten van haar creatieve sector.

Inmiddels buigt de gemeenteraad zich over een nieuw broedplaatsenbeleid. Biedt dit perspectief? Wat doet het nieuwe beleid met plekken als de Suiker, de Biotoop of Backbone050? Wat kan Groningen leren van andere steden?

Met Rinske Brand, die onderzoek deed naar cultuurgedreven stadsontwikkeling en daar een boek over schreef, gingen Bram en Thereza op zoek naar antwoorden. In haar vers uitgegeven boek Hart, hoofd, handen - gids voor stadmakers introduceert ze een model voor cultuurgedreven stedelijke ontwikkeling. We hadden de eer om het boek tijdens deze aflevering te lanceren.

Aan de hand van Brand's conclusies belichtten Bram en Thereza het broedplaatsenbeleid in Groningen. Dat deden ze met Paul Grimmius, directeur van de coöperatie Suikerbiedt en lid van de Groninger Broedplaatsencoalitie. Welke status heeft een bloedplaats rechtmatig en in welke mate worden broedplaatsen gedragen door omwonenden?

Ook doken we in één specifieke casus, een kans om het in Groningen anders te doen. De Biotoop is een unieke broedplaats in de gemeente Groningen, of eigenlijk binnen Nederland. De plek kan een voorbeeld worden voor andere steden, waarbij niet de waarde van geld maar die van sociale structuren, toekomstbestendigheid en biodiversiteit centraal staat.

Erik Roerdink, architect en partner bij De Zwarte Hond en gespecialiseerd in duurzaam ontwerpen en bouwen, onderzoekt samen met landschapsarchitect Lieke Jildou de Jong hoe zo’n plek doorontwikkeld kan worden zonder de huidige waarde te ondermijnen. Erik schoof aan bij Bram en Thereza, samen met Jobbe Holtes, een van de gebruikers van de Biotoop en lid van de Groninger Broedplaatsencoalitie.

Foto's: David Vroom