13 januari 2021 Door Leestijd: 1 minuut

Foto: Peter de Kan

Ik vraag de man hoe hij heet maar hij lacht me toe en zegt niets.

“Hij komt uit Israël,” zegt een van de duiven, “hij voert ons elke dag.”
“Are you from Israel?”, probeer ik.
“Israel, no! Palestine! BOEM! BOEM!” Hij gebaart alsof hij een geweer hanteert.

Het klinkt als een ultrakorte samenvatting van een oorlogstrauma.

“O ja, Palestina, dat was het”, zegt een andere duif. “Hij was daar kapper. Grote zaak hoor, wel vijftien mensen in dienst.”
“Door de oorlog is hij dat allemaal kwijt”, koert een derde. “Zijn zoon heeft hem hierheen gehaald.”

“And what is your name?”, vraag ik nog maar eens.
Weer die glimlach.

“My name is Peter”, zeg ik en steek hem zo hartelijk mogelijk een elleboog toe.
“Ahmed,” zegt hij, nu breed lachend, “I am Ahmed.”

“Gelukkig heeft hij ons”, zegt de eerste duif. “Wij vrolijken hem op, de rest van de dag zien we hem in z’n flatje zitten. Daar worden we niet blij van.”
“Hij is een van ons”, koeren ze in koor.

***

Onze reeks Stadsflarden bestaat uit korte stukken, steeds geïnspireerd of geïllustreerd door een foto van Peter de Kan. De rubriek legt de dynamiek van de stad bloot aan de hand van ontmoetingen, observaties of gedachtenkronkels. Niet altijd met een overduidelijke ruimtelijke link, maar wel onlosmakelijk verbonden met Groningen.